Water

Het is al goed. Ik zeg dat nu om uiting te geven aan mijn diepste wens dat iedereen ruimte heeft om zichzelf te zijn. En om uiting te geven aan mijn geloof dat alles er al is.

Het is o.k. Zeg ik als ik het ogenschijnlijk onder controle heb. Het is mijn manier om te bedekken wat ik niet wil zien. De eerste keer dat ik mezelf moest aankijken in de spiegel was in 5 VWO. Al ruim tien jaar leefde ik de ene helft van de week in het zwembad en de andere helft op school. Tussendoor was ik thuis. Waar mijn ouders nooit klaagden omdat er altijd wel anderen waren die het slechter hadden. Waar ze alles wat ik deed prachtig vonden. Jessica redt zich wel. Elke ochtend, met uitzondering van de woensdag, lag ik om 6:15 in het water. De keer dat mijn vader zich versliep, was ik woest om de minuten die ik gemist had met de andere kinderen. Alles gebeurde daar. Mijn eerste vriendje, hechte vriendschappen, samen trainen, de spanning voor een wedstrijd. In het zwembad ging het vanzelf. De beweging in het water, ván het water maakte me vrij. Ik werd gedragen door mijn zwemvriendjes. De discipline van het bad zorgde voor discipline op school. Totdat ik een vriendje kreeg buiten het water.

Loskomen

Ik wist. Nóg een bal omhoog houden, ging niet. Ik heb een tijd in mijn eentje geworsteld. En dát namen mijn ouders mij kwalijk. Niet de schoolresultaten waar ik zo bang voor was. Ik koos. 5 Havo was een verademing. De mensen daar voelden losser en vrijer omdat ik dat was. Ik bleef zwemmen.

Ik ging P&O studeren omdat ik ‘met mensen wilde werken’. Meer dan dat was het niet. Met mijn vader bezocht ik één open dag in Arnhem. Als twee provinciaaltjes uit Cuijk parkeerden we de auto in het Spijkerkwartier, toen we uitstapten stonden we oog in oog met ‘De meisjes van plezier’. Arnhem was ver genoeg om nog dichtbij te zijn. Ik had het zo fijn thuis dat ik op kamers moest. Ik voelde aan alles dat ik moest loskomen en zelf verantwoordelijkheid moest nemen. Met vallen en opstaan had ik mijn eigen plek. Mijn ouders waren er altijd. In de weekenden als ik met vuile was mijn ouderlijk huis binnenstapte. Doordeweeks als ik mijn vader belde omdat er een spin in de badkamer zat. En op zaterdagochtend als mijn vader mij om 5:00 uur ophaalde van mijn kamer voor het baantje bij de PTT dat hij voor mij regelde.

Keuzes maken

In mijn derde studiejaar liep ik tien maanden stage. De P&O afdeling werd gemangeld tussen medewerker en organisatie, waarbij vaak tóch de kant van de laatste werd gekozen. Ik wilde op een positieve manier met medewerkers bezig zijn en zag dat bij de opleidingscoördinator. Perspectief creëren, werken aan de toekomst. Dat wilde ik. Het zou nog een aantal jaren duren voordat ik koos voor de plek die ik in die stage al ambieerde. Eerst moest ik mij nog door wat woelige jaren heen worstelen. Met een oude liefde en levens die niet meer bij elkaar pasten. Met banen die de mijne werden omdat ik ervoor gevraagd werd. Banen met de door mij gewenste vrijheid en ruimte en banen met structuur en regels. Zijdelings had het steeds iets met opleidingen en ontwikkeling te maken maar was het nooit echt mijn plek. Steeds voelde ik.

Het klopt niet.

En toch koos ik niet voor mezelf.

Verandering

Tot de eeuwwisseling naderde. Ik ontmoette in 1999 mijn grote liefde, Raoul, en koos in 2000 voor mijn baan als Learning & Development Manager bij Philips.
Zeven jaren volgden. Mijn liefde groeide en ik groeide in mijn werk. De eerste periode in totale vrijheid en met ruimte om de business line echt te leren kennen. Daarna in een team met vakmensen veel verder van de klant. Een coachopleiding deed ik om het gat dat ontstond tussen mij en de mensen te dichten. Een eigen bedrijf kreeg vorm in mijn gedachten. Ik koos niet. Ondertussen leerde ik programma’s schrijven voor leiderschapsontwikkeling en veranderingstrajecten. Het moment dat ik zwanger raakte, begon ik aan iets nieuws op mijn werk wat al snel niet verenigbaar was met het nieuwe leven in mijn buik. Ik reisde de wereld over om de technische mensen klantperspectief mee te geven. Ik leerde dat ik niet hoef te reizen om ver te komen. In de wolken was ik toen onze dochter werd geboren.

In beweging

Op mijn werk was het project ter ziele. Ik hoorde nergens bij en wist; dit wil ik niet. Dat gevoel zette mij in beweging naar wat ik dan wél wil. Mijn eigen bedrijf. Ik had nauwelijks tijd om na te denken over mijn missie of producten toen ik kon beginnen aan mijn eerste interim klus. Bij Philips. Het leek me fijner om aan de slag te zijn dan om rustig na te denken. Dat ik bijna geen tijd had om te coachen, om dichtbij mensen te staan? Het is o.k.
Na het zwangerschapsverlof van mijn zoon kon ik weer bij Philips verder als interim. Ik maakte geen eigen keuzes. Deed wat er van mij verwacht werd. Jessica redt het wel. Bij KPN kwam het moment dat ik thuis tegen mijn lief zei dat ik ongelukkig was. Hierdoor kon ik voelen dat ik te veel tijd kwijt was aan dingen doen waar ik niet in geloofde. Dat ik aan het geven was. Want anderen hebben het toch veel meer nodig dan ik?

 

Ruimte voor mezelf

Mijn opleiding Vernieuwend Coachen bracht mij zo dichtbij mijzelf dat ik kon kiezen. Nee tegen KPN. Ja tegen ruimte voor mezelf. Onderweg liet ik ook los dat ik voor anderen moet zorgen. Als ik in eigenaarschap geloof dan moet ik dat ook weggeven. Dit ben jij.

Echte rust vond ik toen ik tot in mijn tenen met schaamte werd geconfronteerd. Mijn eigen schaamte. Omdat ik alleen maar gaf om erkenning terug te krijgen. Geven en nemen kwamen in balans toen ik in de laatste fase van de opleiding echt leerde ontvangen. Ik voel de rust om de ander echt te ontmoeten. Nog steeds ben ik rechtstreeks in mijn feedback. Nu zonder iets terug te verwachten.

Ik ga delen wat ik ontdekt heb. Dat ik mezelf ruimte moet gunnen om anderen hetzelfde te geven. Dat ik delen nodig heb en dat het niks anders is dan laten zien wie ik ben. Wat ik wil. Wat ik kan.

Dit ben ik.